
Het 950
zielen tellende dorpje Aerdt behoort samen met
Herwen en Pannerden tot de Gemeente Rijnwaarden. De
gemeente wordt begrenst door De Rijn – Oude Rijn en
Het Pannerdensch Kanaal. Hierdoor heeft dit
grondgebied ook wel de naam ‘Het Gelders Eiland’. Op
ca. 5 kilometer van Aerdt komt bij Spijk onze
belangrijkste rivier De Rijn vanuit Duitsland ons
land binnen. Bernhard en Hans Visser zijn de enige
duivenliefhebbers in Aerdt. Ze zijn lid van ‘De
Rijnvliegers’ in het naburige Lobith, een club die
ca. 20 leden telt.
Fijne melkers
De inmiddels 71 jarige Bernhard Visser werd geboren
in Didam, waar vader puur voor zijn plezier wat
duiven rond huis had vliegen. Zijn levensreis ging
via Spijk naar de huidige woonplaats Aerdt, waar in
het begin van de jaren tachtig werd gestart met de
postduivensport. Bernhard verdiende zijn brood in de
ijzergieterij en de bouw, veelal in het naburige
Duitsland. Samen met de 47 jarige zoon Hans werden
in de beginperiode aan alle vluchten meegedaan. In
die periode pakte Bernhard toen om half drie ’s
nachts een duif van het dak van Nationaal Bergerac,
die toen maar eventjes de 4e Nationaal won. Rond
1990 werd de keuze gemaakt om zich te specialiseren
op het kortere werk, vitesse, midfond en jonge
duiven wel te verstaan. Op de natoer wordt nooit
gespeeld. Op het kortere werk konden vader en zoon
Visser goed uit de voeten getuige de vele
ereplaatsen, kettinguitslagen en kampioenschappen
die men de afgelopen 20 jaar op deze discipline wist
te behalen. De uitdaging verdween langzamerhand, het
verloop van de vluchten werd naar hun mening te
snel. Een nieuwe uitdaging werd in 2010 voor hen de
dagfond, naar hun mening eerlijkere en meer
aansprekende vluchten. Met dezelfde duiven, die zo
knap presteerden op het korte werk, debuteerde men
dit jaar op de dagfond en het was gelijk bingo. Wat
als een overgangsjaar werd gezien, werd gelijk een
ongelofelijk topjaar. Met meerdere duiven werden er
kopprijzen gespeeld, ongeacht de wind of andere
omstandigheden en dat allemaal met een hele kleine
korf. Vergelijkbaar met wat sportvriend Ferry van
Loo enkele jaren geleden deed! Bernhard Visser
tekent daarbij aan dat hun duiven de afgelopen jaren
altijd heel zuinig zijn gespeeld. Bernhard neemt de
gehele dagelijkse verzorging voor zijn rekening.
Alles op tijd, secuur en schoon zijn trefwoorden die
op zijn manier van omgang met de duiven van
toepassing zijn. Je ziet het gelijk terug als je bij
de duiven op het hok komt. Zoon Hans, controller van
beroep bij de Gemeente Doesburg, doet de
administratie van de duiven, verzorgt het inkorven
etc. Vader en zoon vullen elkaar wat dat betreft
goed aan.
Huidige basisduiven
Hierbij moeten we met een kort verhaaltje beginnen.
Het zal in 1995 geweest zijn dat er in het dorpje
Aerdt een verdwaalde en uitgeputte Belgische duif op
straat liep. Bernhard pakte hem van de weg,
verzorgde hem goed en toen hij weer helemaal in orde
was liet hij de duif los met een briefje aan de
poot. Diezelfde avond was er al telefoon uit België.
De duif bleek van niemand minder dan van Flor Engels
en Zonen uit Putte te zijn en hij bleek ook nog eens
tot de besten van het hok te behoren. De mannen in
Putte waren geweldig blij dat hun topduif terug was
op het hok. De familie Engels bood geld aan voor de
goede zorgen van Bernhard en Hans. Deze zeiden
liever duiven te willen hebben. Het werden tenslotte
vier eieren uit de beste duiven die de Belgische
grootmeesters in die tijd op hun hok hadden. Nu nog
zit dit bloed door de gehele stam duiven van
Bernhard en Hans Visser heen.
Overige rassen die men op het hok heeft zijn:
- Desmet
Mathijs, via de helaas overleden sportvriend
Henk Kobesen uit Didam. Henk was een goede
vriend van Bernhard en Hans en van hem hebben
zij vaak goede duiven gehad en ook hebben ze van
hem veel geleerd.
- Ad
Schaerlaeckens x Tournier duiven, door ruiling
verkregen van de Comb. Nijhof uit Lievelde.
- Toon
Raats, Didam. Van hem werden alle kwekers
overgenomen.
- Ferry
van Loo, Zutphen.
- Jos
Vercammen (B).
- Anton
en Hilde Reynaert (B) via Gerrit Veldhorst.
Er wordt
gekweekt uit de betere vliegduiven en uiteraard de
kweekduiven. Afhankelijk van de prestaties van de
jonge duiven worden deze al dan niet herkoppeld. De
kweekduiven krijgen drie jaar de kans om iets goeds
voort te brengen. Lukt dit niet dan worden ze
uitgeselecteerd.

Hokken – hokbestand – spelmethode
De duiven zijn gehuisvest op een prachtig Buitenhuis
hok. Over de gehele lengte loopt er een gang voor de
ruimtes, waar de duiven zitten. Het plafond is
praktisch geheel open. Je ruikt er geen duif, mede
gezien het feit dat de hokken dun bevolkt zijn.
Het hokbestand bestaat uit:
- Tien
weduwnaars en uiteraard tien duivinnen.
-
Ongeveer dertig jonge duiven.
- Tien
kweekparen.
Er wordt
klassiek weduwschap gespeeld. Dit jaar is het in het
begin even met de duivinnen geprobeerd, maar dit
lukte niet en toen is men er maar snel weer mee
gestopt.
Het
stille seizoen
Aangezien er geen natoer wordt gespeeld begint men
begin september al hiermee. De duiven worden vroeg
gescheiden en geselecteerd en in verband met het
roofvogelgevaar komen de duiven niet meer los.
Tijdens de rui gaat er af en toe wat karnemelk over
het voer. In deze periode wordt er ook niet met
medicijnen gewerkt. Tegen het geel wordt er hier
overigens al jarenlang niet meer behandeld! Eind
december, begin januari worden de duiven,
afhankelijk van het weer, gekoppeld. Er wordt ook
uit de betere vliegduiven gekweekt. Soms worden de
eieren van de tweede ronde van de vliegers omgelegd
onder enkele kwekers. Net als in voorgaande jaren
werden dit jaar de duiven twee weken voor de eerste
vitessevlucht op weduwschap gezet. Of dat in 2011
weer gebeurt weten ze nog niet. De paramixo-enting
geschiedt bij de eerste broed. Begin februari komen
de duiven weer voor het eerst los. Voorzichtigheid
is dan troef en tijdens die eerste weken blijft
Bernhard erbij als ze buiten zijn. Als het
vliegseizoen van start gaat trainen de duiven
inmiddels twee keer per dag. In de ochtend om 07.00
uur en ’s middags om 16.00 uur. De training is niet
verplicht, maar de duiven trainen altijd goed uit
zichzelf. Voor de eerste vlucht worden de duiven
twee of drie keer weggebracht tot een afstand van
maximaal 15 kilometer.
Het
vliegseizoen
De duiven gaan in principe elke week mee. Er wordt
altijd getoond, meestal een uur of langer. Bij
thuiskomst mogen de doffers enkele uren bij hun
duivin blijven. Om de motivatie erin te houden
trainen soms doffers en duivinnen gezamenlijk. Dit
versterkt naar de mening van Bernhard de binding
tussen doffer en duivin. In de week tussen twee
dagfondvluchten krijgen de doffers geen vlucht voor
hun kiezen, maar worden ze weggebracht naar een
afstand van zo’n 25 kilometer. De voeding bestaat
uit Mariman Standaard, wat in het seizoen wordt
aangevuld met snoepzaad en pinda’s. Voor de training
wordt al een beetje gevoerd, want hongerige duiven
trainen naar de mening van vader en zoon Visser niet
goed. Het voeren gebeurt met de lepel in potjes. Er
blijft altijd wel iets over in de potjes. Dat wordt
er een halfuur of drie kwartier na het voeren uit
weggenomen, zowel ’s ochtends als ’s avonds.
Groenten uit de tuin staat ook dikwijls op het menu
en natuurlijk dagelijks vers grit. Bernhard laat de
duiven ook gerust een poosje pikken in de tuin voor
het hok.
NL
08-2119851 ‘Tom’. Deze doffer vloog in 2010
o.a. : 2e NPO Blois van 2.717 d. – 8e Orleans van
1.663 d. – 14e Chateaudun van 2.311 d. en 41e NPO
Orleans van 5.234 duiven. Hij werd daarmee o.a. 5e
Nationale Asduif Eendaagse Fond 2010 en 1e Asduif
Dagfond Regio 4 Afdeling 8. ‘Tom’ is voor 80% van
het ras Flor Engels en Zonen en 20% Desmet Mathijs
via Henk Kobesen.
Hoogtepunten in 2010
-
4e Nationaal Kampioen Dagfond
-
5e Nationale Asduif Dagfond met ‘Tom’
-
5e Totaal Eendaagse Fond Noordelijke Unie
-
1e Kampioen Onaangewezen Eendaagse Fond Afdeling 8 GOU
-
1e Kampioen Aangewezen Eendaagse Fond Afdeling 8 GOU
-
2e Nationaal Blois Afdeling 8
-
6e NPO Bourges Afdeling 8
-
1e – 2e – 3e – 4e Asduif Jong C.C. ‘Rijnstrangen’
Spel met jonge duiven
De ongeveer 30 jonge duiven, waarmee wordt gespeeld,
worden na het stoten van de eerste pen verduisterd.
De verduistering wordt opgeheven twee weken voor de
eerste africhtingsvlucht. Er wordt niet bijgelicht.
De voeding is in grote lijnen gelijk aan die van de
oude duiven. De jonge garde traint ook twee keer per
dag. Voor de eerste africhting worden ze vier of
vijf keer opgeleerd tot maximaal een afstand van 20
kilometer. Tot de tweede vlucht blijven de jonge
duiven bij elkaar in één hok. Daarna wordt er op de
deur gespeeld. Ook dit jaar kwamen de jonge duiven
voortreffelijk met in de C.C. ‘Rijnstrangen’ de
eerste vier asduiven en op de laatste vlucht vanaf
Mantes la Jolie negen prijzen van tien gezette
duiven!
Slot
We hebben dit keer een kijkje mogen nemen bij
Bernhard en Hans Visser, twee liefhebbers met liefde
en passie voor de duivensport. Mannen die met
eenvoudige middelen het beste uit hun kleine kolonie
duiven weten te halen. Als we hun aanpak kort mogen
karakteriseren kunnen we zeggen: veel trainen – goed
voeren – regelmaat in de verzorging en sterk
selecteren op gezondheid. En ambities hebben deze
mannen zeker. Het succes van dit jaar smaakt naar
meer. Misschien volgend jaar op het Nationale podium
op de dagfond of zelfs wel Nationaal Kampioen? In
Aerdt zullen ze er in ieder geval alles aan doen!
Bedankt voor de gezellige middag!